HondenOpleidingsCentrum Hoeksche Waard

Introductie Speuren

Speuren is iets wat alle honden graag doen. Met uitzondering van de stompneuzige honden zijn ze er ook allemaal geschikt voor, ongeacht hun grootte of leetijd. Honden leven veel meer dan mensen in een wereld vol geuren en ze hebben daardoor regelmatig belangstelling voor heel andere dingen dan wij. Voor honden zijn veel zaken waaraan wij voorbij lopen of waar wij onze neus voor ophalen wel degelijk de moeite waard om nader te bestuderen.

Evenals een heleboel andere takken van hondensport, doe je ook het speuren samen met de hond in die zin dat de geleider een spoor creëert, al dan niet met behulp van voer en voorwerpen, en de hond dit zelfde spoor een "tijd" later loopt. Om actief te worden op het gebied van speuren, hoef je slechts te beschikken over een lijn, een niet te smalle halsband en een portie doorzettingsvermogen.

De kunst om bij het speuren te presteren is je hond te vertrouwen. Iedere hondenbezitter weet dat zijn hond beter ruikt dan hijzelf. Mensen zijn microsmaten, terwijl honden macrosmaten zijn. Hoeveel de hond beter ruikt dan de mens is niet in een totaalcijfer te noemen. Dit komt doordat de reukcapaciteit wordt bepaald door meerdere factoren, te weten het reukslijmvlies gebied, de dikte en het volume van het reukslijmvlies, het aantal reukcellen en reukharen, het reukcentrum in de hersenen en het orgaan van Jacobson. Om toch maar een idee te geven: mensen beschikken over 10 tot 20 miljoen geurreceptoren, terwijl honden beschikken over 150 tot 220 miljoen geurreceptoren. Afhankelijk van het ras beschikt de hond bovendien over een veel groter geurepitheel. Met deze kennis in het achterhoofd mag het duidelijk zijn dat bij het speuren je je hond dus niet stuurt, maar volgt.